|
|||||
|
|||||
|
De levensenergie van bloesems (Bach) / De twaalf Genezers Mimulus (Monkeyflower) – MaskerbloemGevlekte maskerbloem – Mímulus guttátus (syn. Mimulus luteus) |
|||||
![]() |
Bloei: juni tot september, met vrij grote gele bloemen met oranje spikkels op de onderste lip. Het is een ongeveer 30 cm hoge plant met stevige stengels en fris groen blad. Voelt zich thuis in sloten en aan rivieroevers. |
Uit balans:
In balans:
Dr. Bach over Mimulus:
"In werkelijkheid is er voor angst geen plaats binnen het natuurlijke, menselijke rijk, aangezien de Goddelijkheid in ons is. Zij is ons werkelijke zelf, onoverwinnelijk en onsterfelijk, en we zouden voor niets bang hoeven te zijn, als we ons maar zouden kunnen realiseren dat we Kinderen van God zijn" (C.W., blz. 149).
Ik ben mij en bij mij is het veilig.
Tekst uit Dr. Edward Bach: Bevrijd Uzelf
2. Maskerbloem (Mimulus): Angst - Medeleven
Bent u iemand die bang bent, bang voor mensen of bepaalde situaties, maar niets laat blijken en door uw angst uw leven van alle vreugde berooft?
Bang voor van alles dat niet gebeurt?
Bang voor mensen die in werkelijkheid geen macht over u hebben?
Bang voor de dag van morgen en wat die zal brengen?
Bang om ziek te zijn of uw vrienden te verliezen?
Bang voor regeltjes? Bang voor van allerlei en nog wat?
Wilt u uw vrijheid opeisen, maar durft u niet los te breken van wat u bindt?
Dan geeft de Maskerbloem [gevlekte maskerbloem], die langs de oevers van de heldere stromen groeit, u de moed uw leven weer in eigen hand te nemen en leert u anderen met de warmste gevoelens van medeleven tegemoet te treden.
Lees verder in Dr. Edward Bach: Bevrijd Uzelf
![]() |
Helmkruidfamilie (Scrophulariaceae). Bloei: juni tot september. In sloten en aan rivieroevers. Uit westelijk Noord-Amerika, min of meer ingeburgerd. Zeldzaam. |
De naam Mimulus (van Latijn mimus 'toneelspeler') dankt deze plant aan het feit dat je, althans volgens de naamgevers, in de bloem het masker van een Romeinse acteur kunt herkennen: de vorm van de kroonbladen en de rode vlekken (guttatus, van Latijn gutta 'vlek, traan') op de onderlip hebben inderdaad wel iets weg van een maskertje. De cowboys in Amerika noemden de Maskerbloem daarom 'aapjesbloem' (Monkeyflower).